Ondernemerschap

Ondernemerschap. Iets voor jou?

Stel dat een medewerker voor zichzelf wilt beginnen? Hoe komt hij er dan achter in hoeverre het ondernemerschap een passende optie zou kunnen zijn? In het APQ-programma hebben we een speciale schaal Ondernemerschap. Deze schaal meet de affiniteit en een aantal kern eigenschappen voor ondernemerschap. Er wordt ingegaan op de interesse voor het ondernemerschap, voorbeelden uit de omgeving, of er sprake is van risicobereidheid, of men innovatieve ideeën heeft en benut en deze ook uitvoert.

Ondernemerschap – hoe wordt dit gemeten?

De schaal Ondernemerschap bevat de volgende onderdelen:

Interesse in ondernemerschap – Succesvol zijn in ondernemen start bij affiniteit met het ondernemerschap. Wie interesse heeft in het onderwerp, zal bereid zijn na te denken over de vorm en de inhoud van een eventuele eigen onderneming. Nadenken en plannen maken is een belangrijke eerste stap naar succesvol ondernemerschap.

Voorbeelden in je omgeving – Mensen die voorbeelden hebben in hun omgeving, zoals vrienden en/of familie die voor zichzelf werken, vinden het vaak makkelijker om zelf ook te starten als ondernemer.

Risico’s nemen – Omdat het ondernemerschap een zeker risico met zich meebrengt, is het belangrijk dat je als ondernemer bereid bent risico’s te nemen en in staat bent om met onzekere situaties om te gaan.

Innovatieve ideeën – Als ondernemer is het belangrijk om nieuwe mogelijkheden te zoeken en kansen te benutten. Je moet openstaan voor nieuwe ideeën en het helpt als je zelf regelmatig met nieuwe ideeën komt.

Doortastendheid – Als ondernemer moet je zelfstandig kunnen werken, initiatief tonen en met je ideeën aan de slag gaan, en je daarbij niet laten tegenhouden door tegenslag.

Een stukje theorie

De schalen over ondernemerschap in het APQ-programma zijn gebaseerd op verschillende Nederlandse en internationale onderzoeken naar de kenmerken van succesvolle ondernemers. We hebben voor de APQ de eigenschappen geselecteerd waar de meeste overeenstemming over is en die het beste passen bij het doel van het APQ-programma, namelijk het inschatten van de kansen op de arbeidsmarkt en daarbij het bepalen van de affiniteit met ondernemerschap. Het gaat dus niet om een uitspraak over de geschiktheid voor ondernemerschap, maar om aan te geven of ondernemerschap een interessante optie kan zijn om verder te onderzoeken. De volgende onderzoek zijn gebruikt voor het samenstellen van de vragen over ondernemerschap:  Djankov, Qian Roland & Zhuravskaya(2007), Driessen & Zwart (2005), Gibcus, & Smit (2014) en Van der Veen, Wakkee & van Nispen (2016).

Achtergrond APQ

De arbeidsmarkt verandert in hoog tempo. Werknemers en zelfstandigen wisselen vaker van baan of opdracht. Dit doet een beroep op het aanpassingsvermogen van mensen. Tegelijkertijd stijgt het aantal werkzoekenden. Mensen worden steeds meer zelf verantwoordelijk voor het vormgeven van hun loopbaan. Weten hoe je ervoor staat op de arbeidsmarkt is cruciaal voor iedereen om langdurig inzetbaar te blijven. Daarnaast is het voor organisaties zelf van belang dat medewerkers een duidelijk beeld hebben van hun arbeidsmarktpositie. Medewerkers die weten wat ze waard zijn, maken de organisatie krachtiger en wendbaarder. Het APQ geeft inzicht in hoe mensen er op dit moment voorstaan op de arbeidsmarkt en geeft concreet aan hoe ze hun positie kunnen verbeteren. Zo kunnen ze direct aan de slag.

Het doel van het APQ is inzicht geven in de huidige arbeidsmarktpositie en wat men concreet kan doen om deze positie te verbeteren.

Scroll naar boven