'Ik zou elk ziek dier wel willen helpen'

Marina Meijer (31), dierenarts

‘Als klein meisje wilde ik al dierenarts worden. Mijn liefde voor dieren is begonnen bij mijn opa en oma. Zij hadden thuis veel dieren: honden, katten, kippen, vogels en schapen. Ook reed ik al jong paard. Je zou denken dat voor een dierenarts alles om dieren draait, maar het contact met mensen is minstens zo belangrijk. Die combinatie vind ik mooi. Want elke patiënt is als een puzzel. Een dier kan zelf niet vertellen wat er aan de hand is. Samen met het baasje, dat het dier natuurlijk het allerbeste kent, ga ik dan op zoek naar de oplossing.’

‘Als klein meisje wilde ik al dierenarts worden’

‘Voor de één is een huisdier gewoon een waakhond, voor de ander echt een gezinslid. Ik zie veel mensen die rust en steun bij hun huisdier vinden. Vooral eenzame ouderen en kinderen die gesloten zijn hebben veel aan het gezelschap van een dier. Dat ontroert me. Het mooist vind ik om een ziek dier er weer bovenop te helpen, samen met de eigenaar. Een patiënt die me altijd bij zal blijven is een lieve, jonge kat die niet meer kon plassen. Daardoor werd zijn blaas groter en groter en kwamen z’n nieren in de problemen. Het heeft maanden geduurd, maar met de inzet van zijn baasje en mijn team is hij weer helemaal gezond. Dat is toch geweldig?’

‘Ik zou elk ziek dier wel willen behandelen, maar sommige baasjes hebben er de financiële middelen niet voor. Want anders dan mensen hebben de meeste dieren geen zorgverzekering. Dat vind ik soms lastig. Het is verdrietig om een dier te laten inslapen. Maar een fijn afscheid verzorgen voor het dier en z’n baasje is ook mooi om te doen. Mijn werk is echt elke dag anders. De ene keer word ik opgeroepen voor een spoedoperatie, de andere keer is er een moeilijke opname of gewoon het dagelijkse spreekuur. Maar elke dag mag ik mensen én dieren helpen. Voor mij is er niets mooiers.’

Scroll to top